FILM Zero Dark Thirty

Zero Dark Thirty (Kathryn Bigelow, 2012)‘The movie presents us with an image, and while you may discuss the meaning of the image it is not permitted to devise explanations for it. […] a movie is exactly what it shows us, and nothing more’. Dit schreef opperfilmcriticus Roger Ebert naar aanleiding van het enigmatische eindbeeld van Being There (Hal Ashby, 1979), en hoezeer het ook klinkt als een open deur, het is wel degelijk een valkuil wanneer je schrijft over film om je eigen verklaringen aan het beeld toe te schrijven. Dat wordt helemaal problematisch als een film gaat over een historische gebeurtenis, zoals Zero Dark Thirty, de door Mark Boal geschreven en door Kathryn Bigelow geregisseerde film over de zoektocht naar en het uiteindelijk vinden en uitschakelen van Osama Bin Laden.

Direct na het verschijnen begon de controverse. CIA-directeur Michael Morell bracht een statement naar buiten om te benadrukken dat zogeheten ‘enhanced interrogation techniques’ geen sleutelrol speelden in het vinden van Bin Laden, en er kwam een hoos aan artikelen op gang van filmcritici, maar voornamelijk ook journalisten over hoe waarheidsgetrouw de film al dan niet is en of martelen erin wordt goedgepraat of juist niet.

Hoe interessant en urgent sommige van die artikelen ook zijn, lees bijvoorbeeld dit artikel van Steve Coll over de discrepanties tussen film en werkelijkheid, het is een terrein waarop ik me niet ga begeven. Het enige dat ik erover kan zeggen is dat mijn irritatie bij het zien van teksten als ‘gebaseerd op ware gebeurtenissen’ of ‘deze film kwam op basis van getuigenverklaringen tot stand’, al lang geleden plaats heeft gemaakt voor schouderophalen. Het zijn en blijven fictiefilms, wat voor disclaimer je er ook opplakt en Zero Dark Thirty is vooral een slim geconstrueerde en bij vlagen spannende film die uiteindelijk, door een gebrek aan empathie bij de toeschouwer, ook wat onverschillig laat.

De openingssequentie – het martelen en de constructie van Maya

Dat neemt niet weg dat de film opent met een sequentie waarin marteling een grote rol speelt. Het eerste deel van de film draait om een gevangene, Ammar, die door de CIA wordt gemarteld om informatie los te krijgen. De sequentie kijkt bijna als een spoedcursus, want binnen een paar minuten komt een breed scala aan martelmethodes voorbij: waterboarding, slaapdeprivatie, (seksuele) vernedering, luide muziek, geïsoleerde opsluiting. Wat opvalt is dat tot een aantal keer toe Ammar wordt ondervraagd op iets waar hij bijna zeker weten geen antwoord op heeft. Tijdens de scène waarin Ammar het waterboarden ondergaat, draait het bijvoorbeeld aanvankelijk om een e-mailadres, maar halverwege verandert ondervrager Dan (Jason Clarke) de koers en vraagt Ammar wanneer hij voor het laatst Bin Laden gezien heeft, terwijl men weet dat de kans dat Ammar ooit direct contact met hem heeft gehad nihil is.

In de conditie waarin Ammar verkeert kunnen zijn hersenen alleen vrij primitieve connecties maken. Je wilt dat de gevangene weet dat hij bij onwaarheid gemarteld wordt, pijn voelt, maar je wilt ook dat de gevangene weet dat het loont als hij de waarheid spreekt. Zoals je een hond een koekje geeft als hij gaat zitten als je ‘zit’ zegt. De wijze waarop Ammar echter wordt gemarteld, maakt dat zijn hersenen inprenten: wat ik ook zeg, er volgt pijn. Een belang om de waarheid te zeggen is er dus niet. (Overigens en wellicht overbodig: er zijn sowieso in de wetenschap meer aanwijzingen dat martelen niet werkt dan wel. Door de grote stress raken delen van de hersenen beschadigd die informatie ordenen en te maken hebben met het langetermijngeheugen. Antwoorden onder druk gegeven zijn daardoor eigenlijk altijd onbetrouwbaar).

Zero Dark Thirty (Kathryn Bigelow, 2012)Uiteindelijk is het de vers ingevlogen CIA-agente Maya (Jessica Chastain) die informatie loskrijgt uit Ammar door hem ervan te overtuigen dat hij al is gaan praten (het kortetermijngeheugen is een van de eerste slachtoffers bij hevige stress). Steve Coll beargumenteert in zijn artikel terecht dat deze scène op geen enkele wijze aantoont dat martelen niet zou werken. Het martelen is namelijk een essentieel onderdeel van de strategie, zoals hij schrijft: ‘In fact, this sequence of the film depicts precisely how the CIA’s coercive interrogation regime was constructed to break prisoners’. Punt is alleen dat de film dit helemaal niet toont. De volgorde van de scènes toont dat het wel degelijk de intentie was tijdens de martelverhoren antwoorden te krijgen. Want wanneer dat niet blijkt te lukken is het de nieuwkomer Maya die, tot verbazing van de anderen, met een oplossing komt.

Met deze openingssequentie slaat Bigelow een aantal vliegen in een klap. Allereerst wordt de CIA aanzienlijk buiten schot gehouden, wat begint en eindigt bij Dan, het enige personage dat we zien martelen in de film. Het is in een film cruciaal hoe een personage wordt geïntroduceerd en onze eerste kennismaking met Dan is wanneer hij de met gezwollen gezicht en aan touwen hangende Ammar aan het verhoren is. Nog voor hij zelfs maar een naam heeft wordt hij verbonden aan de martelpraktijken. Dat journalisten als Steve Coll het toch direct over de CIA hebben, komt door de kennis die zij hebben. De doorsnee bioscoopkijker, die deze kennis niet heeft, zal het martelen vooral gevoelsmatig veel minder in verband brengen met de CIA. Als zij al iemand het martelen aanrekenen, is dat het personage Dan.

Nog belangrijker is dat dit de weg vrijmaakt voor Maya. In de eerste paar scènes in de loods bij Ammar staat zij vaak in de marges of de achtergrond van het shot. In details en close-ups wordt een zekere terughoudendheid getoond. Ze staat met de tenen van haar linkervoet op de rechter, ze slaat haar hand voor het gezicht, haar ogen neer. Het is misschien wel het enige moment waar we ons als toeschouwer identificeren met een personage. Maya reflecteert de reactie van de meeste bioscoopgangers: schok, een neiging tot wegkijken, ambivalentie. En zij is vervolgens ook degene die ons verlichting brengt door het martelpatroon te doorbreken. De winst is tweeledig: we voelen ons nu verbonden met Maya en beschouwen haar als een relatieve buitenstaander.

De slotsequentie – zenuwslopend en anoniem

Alle ambiguïteit zit in de eerste pakweg tien, twintig minuten. Maar twijfel remt af. Het keerpunt is de terugkeer van Dan naar Washington. Daarmee wordt de grootste associatie met het martelen en de (zij het wat geforceerde) ambivalentie van de openingsfase opzij geschoven ten faveure van een goed geregisseerde tempoversnelling die door raast tot het einde van de film. En alles wat dat tempo in de weg kan zitten moet wijken. Vanaf dan is de weifelende houding van Maya ook als sneeuw voor de zon verdwenen. Maya is obsessief, bijna manisch overtuigd van wat ze doet. Gevolg daarvan is dat Bigelow geen ruimte hoeft te bieden aan de twijfels of afwegingen van haar hoofdpersonage. Die zijn er simpelweg niet. En ondanks dat Maya door superieuren hier en daar wordt tegengewerkt, is die tegenwerking nooit een obstakel dat de voortgang in de weg zit, de trein kan door blijven denderen.

Zero Dark Thirty (Kathryn Bigelow, 2012)Dat heeft wel als belangrijke consequentie dat empathie geen plek heeft bij deze film. Een protagonist moet obstakels, in de vorm van eigen twijfels dan wel tegenwerking van een antagonist, tegenkomen en overwinnen om bij de toeschouwer empathie aan te wakkeren. Maar dergelijke obstakels komen maar heel summier voor. En eigenlijk zit er ook geen spanning in haar strijd gelijk te krijgen, want we weten al dat ze gelijk heeft. Zoals Roger Ebert schrijft: ‘There isn’t a whole lot of plot – basically, just that Maya thinks she is right, and she is’. Dat het personage toch overeind blijft is voor een aanzienlijk deel te danken aan de intense vertolking van Jessica Chastain die na een reeks serene rollen in onder meer Terrence Malick’s The Tree of Life zichzelf bewijst als een van de interessantste en meest veelzijdige actrices van het moment.

Maar eigenlijk werkt de film ook het beste zonder die empathie en ruimte voor twijfel. Deels omdat anders een aantal plotgaten een stuk meer in het oog zouden springen, maar voornamelijk om dat magnifieke ritme. Dat wordt het beste duidelijk in het laatste half uur waarin we de bestorming van de compound zien waar Bin Laden zich schuilhoudt. De operatie wordt ’s nachts (half één, ‘zero dark thirty’) uitgevoerd door een geheime eenheid wier gezichten worden gemaskeerd door met nachtvisie-apparatuur uitgeruste helmen. Volstrekt anonieme figuren zijn het, zich systematisch voortbewegend door het donkere gebouw met als ritme de beklemmende stilte doorbroken door het opblazen van deuren, korte vuurgevechten, een schreeuwende vrouw of huilend kind. En dat resulteert in een filmsequentie zo zenuwslopend als ik in jaren niet heb gezien.

Advertenties

One thought on “FILM Zero Dark Thirty

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s